Donald Trump en Hildegard von Bingen

hildegard

Zopas werd bekend gemaakt dat de Dendermonde Codex online staat, op de Integrated Database for Early Music, kortweg IDEM, een initiatief van de Alamire Foundation.

De Dendermonde Codex?

Het muzikale oeuvre van de twaalfde-eeuwse Hildegard von Bingen is ons bekend uit slechts twee handschriften. Het ene wordt in Wiesbaden bewaard, het andere in Dendermonde. Dat van Wiesbaden, de zogenaamde Riesencodex, was al enige tijd online beschikbaar. Dankzij de inspanningen en de expertise van de Alamire Foundation en het Alamire Digital Lab is dus nu ook de Dendermonde Codex online te beleven.

Het belang van dit nieuws kan moeilijk overschat worden. Hildegard von Bingen mag beschouwd worden als een van de sterkste figuren uit de middeleeuwen (let er op dat ik niet schreef ‘sterkste vrouwen’, want dat zou een heel andere betekenis krijgen). Van Hildegard zijn vele geschriften bekend, maar het meest beroemd is ze wellicht omwille van haar muziek. Die muziek doet erg gregoriaans aan, maar geheel in de lijn met het karakter dat ook uit haar geschriften spreekt, graaft ze verder, dieper, breder dan het ‘normale’ gregoriaans.

Naar aanleiding van het unieke feit dat deze bron nu aan de hoogst denkbare resolutie vrij en onbeperkt online in te kijken is, heeft Psallentes het boude plan opgevat om alle muziek van de Dendermonde Codex op te nemen. Het is niet de eerste keer dat een ensemble aan dergelijke reis begint, maar wat wij bij Psallentes ermee doen voegt toch weer op een andere manier toe aan het bestaande audio-materiaal. Omdat we traag en zorgvuldig omgaan met Hildegards muziek, en omdat we het bovendien inbedden in een context van typisch twaalfde-eeuwse ‘collationes’-bijeenkomsten waarop gelezen, overwogen, en gezongen werd, waardoor aan de gezangen zelf nog psalmen en cantica en lezingen worden toegevoegd, zal dit project waarschijnlijk resulteren in ongeveer veertien cd’s. Het eerste ervan ligt binnenkort in de winkel, maar is momenteel na onze concerten samen met Het Collectief al te koop.

Het Alamire Digital Lab nam de best mogelijke foto’s van een onwaarschijnlijk belangrijk manuscript. De vraag is dus: gunt Donald Trump dit feit vijf minuutjes wereldnieuws?

Hendrik Vanden Abeele, 23 februari 2017

In de winkel

Psallentes Triptycha I

Voor een zedig cd’tje klein ende fijn

moet je bij de detailhandel zijn.

(Hier is dat SAX World Music, Parijsstraat, Leuven)

Leuven, 12 december 2015, Parijsstraat, Foto Hendrik Vanden Abeele

[FRIENDS] Ghislieri Choir & Consort’s Jomelli CD, with small contribution by Psallentes

Jomelli by Ghislieri Choir & Consort - Psallentes contribution Hendrik Vanden Abeele

[ENG] Proud to have taken part in Ghislieri Choir & Consort’s latest CD (directed by Giulio Prandi), with sacred music by Niccolò Jommelli. Psallentes has made a small but valuable contribution to Jommelli’s Miserere: ‘I versetti gregoriani nel Miserere a 4 concertato son eseguiti da Psallentes: Hendrik Vanden Abeele (direzione), Conor Biggs, Philippe Souvagie, con la partecipazione di Renato Cadel, Luca Cervoni, Paolo Tormene.’ Hope to return to our friends in Pavia soon.

[NL] Psallentes leverde een kleine bijdrage aan de nieuwe CD (met religieuze muziek van Niccolo Jommelli) van het Ghislieri Choir & Consort onder leiding van Giulio Prandi. ‘I versetti gregoriani nel Miserere a 4 concertato son eseguiti da Psallentes: Hendrik Vanden Abeele (direzione), Conor Biggs, Philippe Souvagie, con la partecipazione di Renato Cadel, Luca Cervoni, Paolo Tormene.’ We hopen spoedig naar onze vrienden in Pavia terug te keren.

Jomelli Ghislieri Choir & Consort, with Psallentes contribution Hendrik Vanden Abeele

Les Beguinages, par Mademoiselle Van Bever – Beghinae, by Psallentes

Beghinae Psallentes Hendrik Vanden Abeele

[NL] Tien jaar lang heeft Psallentes bijgedragen aan de Musica Sacra dagen te Bever. De stichter en bezieler van dat bijzondere evenement is Johan Vriens. Ter gelegenheid van onze tien jaar inzet kregen we van hem dit bijzondere boekje ten geschenke: Les Beguinages, door Mademoiselle Van Bever. Van Bever, jawel. Uiteraard verwijst het geschenk ook naar een van de succesnummers van Psallentes, het programma Beghinae. Van dat programma is ook een (inmiddels bijna uitverkochte) CD gemaakt.

[ENG] From Johan Vriens (Rosario, Bever, Belgium) to Psallentes: this nice little book about Belgian Beguinages. More pictures from the book coming up. Psallentes has recorded a much acclaimed album with music from the Beguinages.

Jacobus CD in shops now / nu in de winkel

Sax World Music, Parijsstraat, Leuven

Jacobus Codex Calixtinus Psallentes Hendrik Vanden Abeele

Sarah Abrams, Linde Devos, Lieselot De Wilde, Kristien Nijs, Marina Smolders, Barbara Somers, Rein Van Bree, Kerlijne Van Nevel, Veerle Van Roosbroeck voices

Hendrik Vanden Abeele artistic director

[ENG]
Santiago de Compostela was a pilgrimage site where the liturgy was accompanied by an exceptionally rich musical culture. A significant part of western polyphonic tradition was developed there. An important witness to this is the ‘Codex Calixtinus’. The manuscript volume is named for Pope Calixtus II, who had been abbot of the famous Abbey of Cluny before becoming pope in 1119. The manuscript contains Gregorian chant and polyphony in honour of the Apostle James.

[FR]
À Saint-Jacques-de-Compostelle, la liturgie se nourrissait d’une culture musicale d’une richesse exceptionnelle. C’est là que la tradition polyphonique a été largement développée, comme en témoigne le Codex Calixtinus. Le nom de l’ouvrage fait référence au Pape Calixte II, qui avait été abbé à l’Abbaye de Cluny avant de devenir pape en 1119. Le manuscrit renferme des chants grégoriens et polyphoniques qui rendent hommage à l’apôtre Jacques.

[NL]
Santiago de Compostela was een plek waar de liturgie gevoed werd door een uitzonderlijk rijke muzikale cultuur. Een belangrijk deel van de polyfone traditie werd er ontwikkeld. Getuige hiervan is de Codex Calixtinus. Die naam verwijst naar paus Calixtus II, die voor hij paus werd in 1119 abt geweest was van de Abdij van Cluny. Het manuscript bevat gegoriaans en polyfonie ter ere van Jacobus de Meerdere.

In hac die laudes cum gaudio,
demus summi factoris filio.
Iacobe apostole sanctissime,
nos a malis erue piisime.
Hec est dies ceteris dignior,
orbe fulgens, multis celebrior.
Iacobe apostole…

Artwork Hilde Vertommen
Sleeve design Kris Thielemans

New Psallentes CD Release: Tota Pulchra Es (Jean-Pierre Deleuze)

Psallentes Tota pulchra es Jean-Pierre Deleuze

[ENG] We are proud to present our latest cd, for once not on the Le Bricoleur label, but with Paraty. It is a wonderful construction of thirteenth-century chant from a Cambrai antiphoner, with sampled bells, organ, cornetto and voices. It contains, amongst other music, a six-voiced Magnificat by Jean-Pierre Deleuze, who has taken care of the aesthetics of the project from the first until the last second. Highly recommended! Available here.

[NL] Met trots kondigen we de geboorte aan van een nieuwe cd van Psallentes. Deze keer niet bij Le Bricoleur, maar bij het label Paraty. Het is een bijzonder project, dat naast dertiende-eeuws gregoriaans uit Cambrai ook gesamplede klokkengeluiden, orgel en cornetto laat horen. Een van de hoogtepunten is het zesstemmige Magnificat van Jean-Pierre Deleuze – die overigens de esthetiek van het geheel overzag, van de eerste tot de laatste seconde. Warm aanbevolen! Beschikbaar hier.

Psallentes Tota pulchra es Jean-Pierre Deleuze verso

26•10•12 Antwerpen [B] Machaut’s Messe de Notre Dame

Psallentes Messe de Notre Dame (photo credit paradoxplace.com)

Vrijdag/Friday 26 oktober/October 2012 21h @ Amuz, Kammenstraat, Antwerpen

TOUTE BELLE (TOTA PULCHRA)

Guillaume de Machaut is een wonder. Dat moge wat hagiografisch klinken, maar we laten ons voor een keer eens flink gaan. Deze in Machault of Reims geboren Franse componist en dichter heeft een oeuvre nagelaten dat groot is, uniek, gevarieerd, hoogstaand, en zo ontroerend. Hij is zonder meer dè figuur van de 14de eeuw, en zijn invloed op de muziek is voor honderden jaren blijvend geweest.

Zijn poëtisch oeuvre – de muziek dus even terzijde gelaten – is op zich al enorm. Er zijn vijftien lange dits, zoals de naam aangeeft gedichten die gezegd en niet gezongen worden, elk tot 9000 verzen lang, en een grote collectie lyriek (zo’n 280 gedichten, waarvan 200 ballades en 60 rondeaux) bekend onder de titel Loange des Dames. Hij schreef ook virelais, lais, complaintes, chants royaux, een proloog en een kroniek. Sommige van de genoemde teksten zette hij op muziek. Zijn werk als dichter is zo groot en rijk, dat vele Fransen de Machaut eerder als een dichter dan als een componist zien.

Als componist is hij absoluut incontournable, al was het maar omwille van zijn scharnierfunctie tussen de muziek van de Middeleeuwen en die van de Renaissance. Hij was zowel in het wereldlijke als in het liturgische aspect van muziek maken goed thuis, en kende, gebruikte en ontwikkelde de technieken van de Ars Nova. Zijn 23 motetten bouwen voort op de virtuoziteit van Philippe de Vitry, en zijn mis (de kern van dit programma) is de eerste cyclische, doorgecomponeerde mis in de muziekgeschiedenis. Bij zijn dood in 1377 schreef de dichter Deschamps een ‘complainte’ bij het verlies van Machaut, en noemde hem ‘maître de toute mélodie’ – daarmee niet alleen verwijzend naar de vele muzikale vormen waarin Machaut meester was, maar natuurlijk ook naar de ‘melodie’ van zijn lyrische poëzie.

Zijn naam zou er kunnen op wijzen dat hij (rond 1300) in het dorp Machault geboren werd, op zo’n 40 kilometer van Reims. De spelling ‘Machault’ heeft bij veel Fransen nog steeds de voorkeur, hoewel de schrijfwijze (van de naam van de componist, niet van het dorp) in de 20ste eeuw officieel tot ‘Machaut’ werd gemoderniseerd. Het is niet duidelijk waarom, maar we hoeven er niet van wakker te liggen: in de Middeleeuwen was het wel gebruikelijk dat een naam niet altijd op dezelfde manier geschreven werd. Machaut, Machault, Machau, Machaux – het komt allemaal voor.

Hij komt op jonge leeftijd naar Reims (dat vermoeden is toch sterk), en verschijnt al in 1323 als klerk en schrijver in dienst van Jan van Luxemburg, koning van Bohemen. Later, in 1340, staat hij op de lijst van kanunniken van de kathedraal van Reims. Maar hij is wel terug te vinden in functies op andere plaatsen, zoals Verdun en Arras.  Ook in die latere periode blijft hij werken voor, of beschermd worden door, allerlei nobelen, zoals de latere koning Karel V of diens broer, de beroemde Jean, hertog van Berry. De twee data, 1323 en 1340, lijken belangrijke cesuren in zijn leven aan te geven. De zeventien jaren in dienst van Jan van Luxemburg doen hem rondreizen in heel Europa. Van het Franse hof (waar hij mogelijk Philippe de Vitry ontmoette) naar Luxemburg, Bohemen, Moravië, Silezië, tot in Litouwen toe. En met regelmatige verblijven (tot zijn genoegen, blijkbaar) te Durbuis, waar Jan van Luxemburg een soort buitenverblijf had. Veel van deze ervaringen kwamen in zijn teksten terecht.

Hij lijkt een zeer zelfbewust man geweest te zijn, die de laatste jaren van zijn leven besteedde aan het nauwgezet verzamelen en redigeren van zijn oeuvre (‘livre ou je met toutes mes choses’) – reden waarom we zo goed over zijn werk gedocumenteerd zijn. Van alle Middeleeuwse componisten is het werk van Machaut wellicht het meest compleet overgeleverd. Verzamelen van je eigen werk was relatief nieuw, het was pas sinds de 13de eeuw dat dichters dit begonnen te doen, met Adam de la Halle als notoir voorbeeld. Maar het bleef niet bij verzamelen. Machaut gaf ook commentaren op wat hij maakte of gemaakt had, waarmee we inzicht kunnen verwerven in zijn manier van werken, en schreef ook over muziek in het algemeen, waardoor hij soms de rol van recensent opneemt. Dit becommentariëren van eigen werk gebeurde voornamelijk in zijn beroemde, monumentale en waarschijnlijk ook autobiografische Le Voir Dit (rond 1364). Zelfbewust was hij, maar ook zelfkritisch: over een periode van zeven jaar in zijn leven schreef hij dat hij ‘ni si bonne chose ni si doulces o oir’ had gemaakt. ‘Niets goed of zoet genoeg om naar te luisteren.’ Naast zelfbewust en zelfkritisch was hij ook een kind van zijn tijd. Toen door heel Europa het spook van de pest woedde, deed ook hij lustig mee aan het bashen van joden, als zouden zij ‘alle bronnen vergiftigd’ hebben. Op die manier droeg ook Machaut enigszins bij aan de grootscheepse jodenvervolging van de 14de eeuw.

Het muzikaal oeuvre van Machaut komt in de eerste plaats tot ons via zes grote boeken uit de 14de eeuw, die vermoedelijk alle zes minstens onder zijn supervisie gemaakt zijn. Binnen dat oeuvre vormen de motetten en de lais de grootste groep. Elk motet heeft zo’n beetje een eigen verhaal. Motet 18 bijvoorbeeld is een jeugdwerk, geschreven ter gelegenheid van de aanstelling van Guillaume de Trie als aartsbisschop van Reims. Uit analyse van dat werk blijkt dat Machaut al heel vroeg allerlei subtiliteiten in zijn tekst en zijn muziek wist te verwerken, waardoor wat als een lofdicht overkomt, het niet noodzakelijk was. (Ook toen al waren er rond de aanstelling van een nieuwe aartsbisschop allerlei gevoeligheden, vetes, vijandschappen.) Naast de motetten en de lais, zijn er dan nog de mis en de Hoquetus David (de titel geeft aan dat een oude compositietechniek gebruikt wordt). En verder nog de hoger reeds genoemde ballades, rondeaux en virelais.

Machaut stierf zoals gezegd in 1377 en werd bij zijn broer begraven, in de kathedraal van Reims. De twee broers stelden een ‘Messe de Nostre Dame’ in, elke week te zingen op zaterdag. Zowel tijdens als na zijn leven stond Machaut in hoog aanzien. In een anoniem schrijven van het begin van de 15de eeuw vat een kronikeur het zo samen dat Machaut de ‘maître’ is, ‘le grant rethorique de nouvelle forme, qui commencha toutes tailles nouvelles et les parfais lays d’amour’. Of om terug te keren naar de hoger genoemde complainte van Deschamps: hij was de ‘flour des flours de toute melodie’ en ook ‘mondains dieux d’armonie’. Machaut: ‘le noble rethorique’.

Machaut’s Messe de Notre Dame is om meer dan één reden beroemd. Het monumentale werk is een belangrijke mijlpaal in de geschiedenis van de polyfonie. Het is een van de oudst bekende, volledig vierstemmige zettingen van het ordinarium van de christelijke mis. Eigenlijk kunnen we niet eens met volle zekerheid zeggen dat dit een mis voor ‘Notre Dame’ is. Maar de aanwijzingen zijn sterk. Kanunnik Weyen vatte het in de 18de eeuw zo samen: “Guillaume et Jean de machaux, tous deux freres et chanoines de l’eglise de notre dame de reims, ce sont eux qui ont fondé la messe de la vièrge qu’on chante, les samedis dans la susditte eglise, c’est ainsi qui l’en explique leur epitaphe que l’on voit sur du cuivre proche l’autel de la roëlle a la nef.” Het epitaaf waarvan sprake, speelt een rol in het openingsgedeelte van dit concert: het leek ons immers erg gepast om de tekst ervan luidop te reciteren, alsof we die aflezen op de plek waar hij ooit te lezen was – daar waar de gebroeders Machaut begraven werden, in het schip van de kathedraal van Reims.

Psallentes heeft voor deze gelegenheid de mis van Machaut in een enigszins uitzonderlijk raamwerk geplaatst. Niet de doorsnee complementaire (proprium)gezangen van de mis, maar officiegezangen en sequensen ter ere van Maria vervolledigen het geheel. Daarmee wordt een traditioneel patroon doorbroken, met als eerste intentie de polyfonie nog meer glans te geven. Een andere context resulteert in een andere tekst. Voor Machaut (in zijn hoger genoemd gedicht Le Voir Dit) was Toute Belle de aanbiddelijke geliefde. Niet toevallig is dit het Franse equivalent voor Tota pulchra – een beroemd gezang met een tekst uit het Hooglied, dat in de christelijke verering van Maria een belangrijke rol speelt. De toewijding aan Maria wordt doorgetrokken in andere antifonen (Paradisi porta en Virgo prudentissima) die samen een rode draad vormen doorheen het programma. Een beroemde (Mariae praeconio) en een onbekende (Stella maris) sequens maken dit eerbetoon aan Maria volledig. Verder hebben we het meerstemmige Kyrie pas geplaatst na de andere delen van het ordinarium. Waarom? Zo kunnen we het Gloria enerzijds, en het Sanctus, Agnus Dei, Ite Missa est en Kyrie groeperen. Zij vormen twee zijden van de polyfone medaille: de ene is eerder homofoon van stijl, de andere zijde kan als isoritmisch worden omschreven – gebruik makend van terugkerende melodische en ritmische motieven. Mooi meegenomen is daarbij, dat het Kyrie ons in staat stelt om het concert in een verstilde sfeer te laten eindigen. We wilden bovendien graag eerst het ‘naakte’ Kyrie laten horen, de melodie die Machaut in zijn compositie gebruikte. Hierin schuilt overigens nog een bijkomend argument om de dedicatie van deze mis aan Maria te staven: de Kyrie-melodie is namelijk van een mariale trope (vermoedelijk 13de-eeuws) voorzien, Rex virginum. En wat ‘Rex’ betreft: het motet Bone pastor Guillerme, oorspronkelijk geschreven voor aartsbisschop Guillaume de Trie, werd mogelijk gebruikt als afsluiter van de Laudes regiae, een litanie ter ere van koningen (op aarde en in de hemel). En zo presenteert Psallentes de Messe de Notre Dame, het meest schitterende juweel van de vroege polyfonie, in een tegelijk mariaal en koninklijk kleedje.

Hendrik Vanden Abeele

It’s number two, but it’s the third. Lambertus CD available now!

Psallentes is proud to present the latest addition to the Plainchant Pro Series (label Le Bricoleur). It’s number two in the series, but since number three was already available some months ago, this is the third cd in the series. The cd has run a bit late, but here he (she?) is! Highly recommended. Buy through your local shop, or via Le Bricoleur.

Lambertus LBCD/02 Psallentes, Hendrik Vanden Abeele

CLOISTERED [NL]

Psallentes' Cloistered, fragment of a 19th century drawing, unknown artist

Een jonge vrouw wordt als kloosterzuster ingekleed. Eerst was ze nog op proef in het klooster, maar nu is het haar menens – binnen afzienbare tijd zal zij ook geloftes afleggen van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid. Eerst tijdelijk, en dan voor de eeuwigheid. Vandaag is zij de bruid van Christus.

Voor ouders en verwanten is/was het een douloureuse joye hun dochter of vriendin te moeten afgeven. Want de jonge vrouw ‘sterft voor de wereld’ en wordt herboren in een nieuwe wereld, die van het klooster. Zij zal zelfs een nieuwe naam aannemen. Continue reading “CLOISTERED [NL]”

Llibre Vermell de Montserrat (Psallentes & Zefiro Torna) [NL]

Montserrat-gebergte Psallentes' Llibre Vermell de Montserrat, with Zefiro Torna

Het is avond. Een zachte zomeravond. Een kleine groep pelgrims rust uit, zittend tegen de kerkmuur van de Abdij van Montserrat. Zij komen van ver. Ze hebben een lange reis gemaakt om hier de beroemde zwarte Madonna te aanbidden. In de nabijheid van de Maria met het Kind verwachten deze bedevaarders verlichting, vergeving, zuivering, inspiratie, een nieuw begin.

Sommige pelgrims houden er ter plekke al gauw weer liederlijke gewoontes op na. Ze drinken, maken veel lawaai, ze dansen wild. Na de lange tocht moeten zij stoom afblazen. Maar niet deze rustige pelgrims tegen de kerkmuur. Zij genieten van elkaars samenzijn. Ook zij willen ‘liederlijk’ zijn, maar dan heel anders: om de avond door te brengen zingen ze samen liederen voor de Madonna. Ze kennen deze klassiekers door en door. Continue reading “Llibre Vermell de Montserrat (Psallentes & Zefiro Torna) [NL]”

Libera me [NL]

Psallentes' Libera me

De dodenmis behoort samen met een handvol beroemde Maria-gezangen tot het ‘ijzeren repertoire’ van de gregoriaanse wereld. Wanneer een geliefde gestorven is, dan hebben mensen er behoefte aan het Requiem te horen, het Libera me, het Subvenite, het In Paradisum – en uitzonderlijk ook het aloude Dies Irae. De kracht van deze gezangen van ‘het laatste afscheid’ overstijgt het christelijk geloof en dringt door tot in het diepste van wat mensen denken en voelen wanneer ze rouwen. In het gregoriaanse Requiem – of het nu misgezangen of gezangen uit het officie betreft – worden gevoelens van onmacht, boosheid, verdriet, gemis en pijn op treffende en universeel aangrijpende wijze verklankt.

Voor deze productie, waarvan de titel verwijst naar de smeekbede ‘Bevrijd mij van de eeuwige dood’, heeft Psallentes voor het eerst de mannen (sinds 2000) en de vrouwen (sinds 2007) samengebracht. Elk vervullen ze hun specifieke rol binnen het sfeervol en krachtig geheel dat Libera me is. Voor de mannen zijn vooral een aantal klassiekers uit de dodenmis weggelegd, terwijl de vrouwen zich als professionele beweensters eerder toeleggen op antifonen, psalmen en responsoria uit de metten. Gaandeweg neemt de ene groep een rol van de andere over, om zich uiteindelijk plechtig en statig in het Dies Irae te verenigen. Een concert met hoge intensiteit.

Bezetting: 6 zangers en 6 zangeressen

Duur: ca. 70 minuten zonder pauze

Programma: Gregoriaans repertoire uit zowel mis als officie voor de overledenen, genomen uit vijftiende-eeuwse Vlaamse en Nederlandse bronnen (Gent, Tongeren, Maastricht).

Tu rosa, tu lilium [NL]

Psallentes' Tu rosa tu lilium (here with Kerlijne Van Nevel & Helen Cassano)

In de Mariale devotie zoals ze tot ons komt via het gregoriaanse repertoire, is de link naar beelden uit het Hooglied nooit ver weg. De bewonderende beschrijvingen van de bruid in dat Bijbelse boek werden graag en veel op Maria overgedragen: “schoon als een duif”,  “omgeven met bloeiende rozen en lelietjes van dalen”, “als de maan zo mooi”, “als zonnegloed zo zuiver”, “mijn volmaakte, mijn onbevlekte”,  “alles aan jou is mooi”, “een fontein van levend water”…

In het programma Tu rosa, tu lilium maken de acht zangeressen van Psallentes de beeldrijke Mariale devotie van de late middeleeuwen opnieuw tastbaar. Het is niet toevallig dat zij daartoe vooral gebruik maken van twee antiphonaria en een graduale afkomstig uit het vijftiende-eeuwse Maastricht, waar de oudste kerk van de stad aan Maria “Sterre der Zee” is toegewijd. Continue reading “Tu rosa, tu lilium [NL]”

Jacobus… Jacobe! [FR]

Nostra phalans, Codex Calixtinus, Jacobus... Jacobe! Psallentes

Il n’y en a que pour saint Jacques dans le Codex Calixtinus. Ce célèbre manuscrit du douzième siècle est conservé à Saint Jacques de Compostelle. Egalement connu sous le nom de ‘Liber Sancti Jacobi’, le manuscrit fut rédigé vers 1140 et contient en plus de descriptions de miracles, des indications pour le pèlerin, une description de la croisade espagnole de Charlemagne ainsi que pas mal de musique liturgique pour les fêtes à la gloire de saint Jacques le Majeur.

Au douzième siècle, les autorités locales firent tout le possible pour la promotion de la tombe de saint Jacques de Compostelle comme lieu de pèlerinage. Il convenait à cet effet également d’ ‘importer’ à partir de la France ce qu’il y avait de plus récent au niveau musical : organum et conductus sophistiqués à deux ou trois voix.

Les huit chanteuses de Psallentes nous proposent du chant grégorien et de la polyphonie provenant du Codex Calixtinus afin de rendre à l’apôtre Jacques l’hommage musical qui lui revient selon le manuscrit. Du simple ‘Psallat chorus celestium’, en passant par l’intime ‘Clemens servulorum’, au frénétique ‘Dum pater familias’ (qui fait immédiatement fonction de moyen mnémotechnique pour retenir les noms latins) : tous les moyens conviennent pour récompenser le pèlerin qui se rend à Compostelle avec un travail vocal féminin pur et simple. Il / elle en revient satisfait…

Distribution : 8 chanteuses

Durée : environ 68 minutes sans pause

Programme : Chants grégoriens et polyphoniques du Codex Calixtinus du douzième siècle

Source : Codex Calixtinus (Liber Sancti Jacobi), Saint Jacques de Compostelle, archive de la Cathédrale

Blog at WordPress.com.

Up ↑